Op Hydepark volgde ik in het kader van de verplichte nascholing een training ‘Werken met kunst’. Uit het materiaal dat we daar kregen geef ik vijf websites over kunst en religie door. Om te lezen én om naar te kijken!

  1. www.bijbelencultuur.nl, een handige site waar je kunt kijken of er bij een bepaalde Bijbelpassage een kunstwerk is te vinden.
  2. www.artway.eu, een mooie site van een actieve club kunstenaars en kunstliefhebbers. Je kunt je opgeven voor hun ‘beeldmeditaties’, je krijgt dan geregeld een e-mail met een afbeelding van een kunstvoorwerp en een tekst die je helpt daarnaar te kijken.
  3. www.bildimpuls.de, een Duitstalige website met veel moderne kunst. Ook zijn bieden een wekelijks e-mailbericht met een ‘Bild Impuls’.
  4. www.wga.hu, de Web Gallery of Art is eigenlijk een digitaal museum met schilderijen en beeldhouwwerken van de 11e tot halverwege de 19e eeuw.
  5. www.naardensebijbel.nl, onder de knop ‘Columns’ vindt u wekelijks een column van theologe Anne Marijke Spijkerboer over een passage uit de Naardense Bijbel en een kunstwerk.

Dit is een zesde blog in een serie ‘bespiegelingen’ naar aanleiding van wat er in de Doornse Catechismus (p. 97-98) staat over de kerk.

“In de kerk blijf je lachen.”

Ook bij deze uitspraak over de kerk kun je de nodige vragen stellen. Er zijn heel wat mensen die niet in de kerk blijven. Omdat ze er niet meer om konden lachen. Omdat het ze verveelde. Of omdat er dingen zijn gebeurd die de lach op de lippen deed besterven. Denk maar aan slachtoffers van (seksueel) misbruik. Of aan allerlei andere vormen van religieuze manipulatie.

En dan kun je je nog afvragen of ‘kerk’ en ‘lachen’ wel in één zin thuis horen. In de kerk gaat het vaak over serieuze zaken. Over troost. Over heil. Over vergeving. Over geloof, hoop en liefde. Als ik zo nu en dan als kerkganger in de kerk zit, valt het me op hoe snel het in de kerkdienst over de schaduwzijde van het leven gaat. Toch doe ik daar als voorganger net zo goed aan mee. Maar ik weet wie ik voor me heb. Als ik de kerk rondkijk dan weet ik bij zo veel mensen een verhaal over ziekte of rouw of verdriet.

Toch staat er in de Doornse Catechismus geschreven dat je in de kerk blijft lachen. En ik denk dat het waar is. Je blijft als kerk in de eerste plaats lachen om jezelf. Humor is een krachtig instrument om je eigen onzekerheden en eigenaardigheden onder ogen te zien. En van die onzekerheden en eigenaardigheden hebben we er wel een paar als kerk en als kerkmensen. We hebben zo onze maniertjes en we weten het lang niet zo zeker als we soms doen voorkomen. Humor kan dan bevrijdend werken.

Ten tweede zou je de kerk zelf kunnen zien als Gods humor. Dat de kerk er is, daar kun je om lachen. Niet spottend, maar ontspannen en dankbaar. God wil met gewone mensen te maken hebben. Hij kent hun passie, waar ze voor gaan. Hij weet wat ze moeilijk vinden en waar ze niet overheen komen. Daar kun je blij van worden.

Ten derde is humor een krachtig wapen tegen fundamentalisme. Andersom zou je kunnen dat humor een teken is van gezond en volwassen geloof. Geloof dat weet dat het niets weet. Geloof dat alles omvat en niemand uitsluit. Geloof dat niets overschreeuwt en alles ter sprake laat komen. Geloof dat niet bang is voor het eigen ongeloof of dat van een ander. Zolang we in de kerk blijven lachen, kun je gerust in de kerk blijven!

  • Reageren uitgeschakeld

Het was een bijzondere kerst. Eerst mocht ik voorgaan in de kerstnachtdienst in de Grote Kerk van Alkmaar. De volgende morgen ging ik voor in “mijn eigen” Immanuëlkerk in een kerstdienst waarin ook een kind gedoopt werd.

Op de prekenpagina vindt u de tekst van de preken die ik hield.

Dit is een vijfde blog in een serie ‘bespiegelingen’ naar aanleiding van wat er in de Doornse Catechismus (p. 97-98) staat over de kerk

“De kerk hoeft niet te scoren.”

De kerk hoeft niet te scoren. Ja, maar… De kerken in Nederland, en ook mijn Protestantse Kerk, staan onder grote druk om juist wél te scoren. Het gaat immers niet goed met de kerk. Getalsmatig niet, en er is alle reden om aan te nemen dat die getalsmatige crisis ook een geloofsmatige crisis is.

Sommigen vinden dat de missionaire koers die de Protestantse Kerk vaart een vorm van scoren is. Zij zien missionair werk vooral als ‘leuke dingen doen waarmee je voor de dag kan komen’ en missen daarin de analyse van de nood van de kerk.

Wat mij betreft is er niets tegen het doen van leuke dingen en is het krijgen van (media-)aandacht te lang onderschat in de kerken. Wel zou ik dit juist willen koppelen aan een analyse van de situatie waarin de kerk is terecht gekomen. Mijn Protestantse Kerk deelt in de geloofscrisis die over heel Europa trekt. Om met de filosoof Charles Taylor te spreken: geloof is vandaag de dag niet meer dan een keuzemogelijkheid. Geloof is niet meer iets wat van de andere kant komt en je toewijding vraagt, maar iets waarvoor je mogelijk kiest terwijl je vele andere opties hebt. “Het christelijk geloof? Dat is jouw mening”, om het simpel te zeggen.

Als geloof niet meer dan mijn mening is, is de kerk niet meer dan een vereniging waar je een tijdje lid van bent. Ik hoor deze manier van denken om me heen, kom haar in mijn dagelijks werk tegen en ervaar haar in mijn eigen hart. Dat de kerk niet hoeft te scoren, betekent voor mij in dit verband dat we dicht bij onszelf blijven. Dus het ongeloof in ons eigen hart en in onze eigen kring proeven en blijven hopen dat God zal spreken. In de tussentijd zijn we kerk, doen we soms gewone dingen, soms heel leuke dingen, soms dingen waarvan we zelf niet wisten dat het kon.

Vandaag was ik op de Palestijnse filmdag van Vrienden van Sabeel Nederland en Palestine Link, vandaar vijf linkjes naar films over het Israëlisch-Palestijnse conflict.

  1. Allereerst de film van vandaag, Budrus. Over het succesvolle geweldloze verzet in het dorp Budrus tegen “de veiligheidsbarrière” die dwars door een Palestijns door zou worden gebouwd. Met een linkje naar een presentatie van de filmmaakster, Julia Bacha, over het idee achter de documentaire.
  2. Een parabel over het Israëlisch-Palestijnse conflict wordt verteld in de speelfilm Lemon Tree.
  3. Indrukwekkend is de animatiefilm (voor volwassenen!) Waltz with Bashir over de oorlog tussen Israël en Libanon in 1982.
  4. In het debat over het conflict spelen zelfmoordaanslagen een grote rol. Niet alleen vanwege de Palestijnse bomaanslagen aan het begin van deze eeuw, maar ook omdat ‘willen sterven voor je land’ elke Israëlische soldaat wordt ingeprent. Daarover gaat de filmAvenge but one of my two eyes.
  5. Weer heel anders is de documentaire The Iron Wall waarin de impact van de bouw van de veiligheidsbarrière op de Palestijnse samenleving wordt getoond.

Al deze films kunnen dienen als inleiding op een gesprek over de situatie in Israël en de Palestijnse gebieden. Ik zou dat zelfs sterk aanraden en ik heb de indruk dat al deze films ook gemaakt zijn om dit gesprek op gang te brengen.

Al deze films (met Nederlandse ondertitels!) zijn te huren bij de Vrienden van Sabeel Nederland. Neemt u contact op met penningmeester Bert Middel.

 

Dit is een vierde blog in een serie ‘bespiegelingen’ naar aanleiding van wat er in de Doornse Catechismus (p. 97-98) staat over de kerk.

“De kerk kan in het midden staan en toch betrokken zijn.”

Dit is voor mij één van de meer problematische dingen die de Doornse Catechismus over de kerk zegt. In het midden staan en betrokken zijn. Dat klinkt in mijn oren als “de kool en de geit sparen”, in de negatieve betekenis die deze uitdrukking heeft.

Ik denk daarbij aan een heel concreet geval. Iets waarover ik op mijn website vaker bericht. De Protestantse Kerk, mijn kerk, wil als het gaat over het Israëlisch-Palestijnse conflict maar wat graag in het midden staan en toch betrokken zijn. Dat betekent in de praktijk dat het moderamen van de synode (het landelijke dagelijks bestuur) van mijn kerk dan weer kritisch is naar christen-zionistische organisaties en dan weer kritiek geeft in de richting van christelijke Palestijnse organisaties zoals Sabeel en Vrienden van Sabeel Nederland. Daarmee laat het moderamen zien dat ze onafhankelijk en onpartijdig is.

Velen vinden dat te prijzen. Al vinden sommigen dat het moderamen te weinig invulling geeft aan de in de kerkorde vastgelegde “onopgeefbare verbondenheid met het volk Israël”. Ik vind de opstelling van mijn kerk om andere redenen niet juist. In het midden sta je wanneer beide partijen gelijkwaardig zijn. In het Israëlisch-Palestijnse conflict is echter geen sprake van gelijkwaardigheid. Israël is economisch, militair en politiek vele malen sterker dan de Palestijnen. De kerk heeft ook een roeping om de kant te kiezen van de zwakken, om het kerkelijk te zeggen de lijdenden. De kerk gelooft op basis van wat Jezus zegt in Matteüs 25 zelfs dat ze in die lijdenden Jezus Christus zelf ontmoet. Hij was zelf ook geen man van het midden…

Wat mij betreft kiest mijn kerk veel meer partij. Dan maar niet in het veilige midden. Niet tegen Israël, maar voor de onderdrukte Palestijnen. Tegen geweld en bezetting, voor recht en geweldloos verzet. Zoals Palestijnse christenen het zelf uitdrukken in hun Kairos document: verzet is een kwestie van geloof. Dat geloof zou de kerk wat mij betreft veel meer tot uitdrukking mogen brengen.

Vandaag begin ik een nieuwe rubriek, “Vijf…”. Telkens vijf linkjes naar pagina’s over een bepaald onderwerp. Ik beschrijf de linkjes kort. Ze geven niet noodzakelijk mijn mening weer. Zie het als een collage, om op ideeën te komen.

In de protestantse wijkgemeente waar ik werk, Alkmaar-Noord, denken we na over de herinrichting van onze kerkzaal. Daarom vandaag vijf linkjes naar artikelen over kerkinrichting.

  1. Pim van Dijk heeft al heel wat kerkinterieurs ontworpen, zijn site biedt veel informatie en foto’s van door hem (her)ingerichte kerkzalen.
  2. De Jozefkerk in Alkmaar is in 2006 opgeknapt en heringericht, een inspirerende plek. Een digitaal bezoek is mogelijk via de Reliwiki (bekijk vooral de foto’s onderaan).
  3. Een artikel uit de Rooms-katholieke hoek over de inrichting van liturgische ruimten. Veel informatie ondersteund met veel illustraties.
  4. Niet direct over kerkinrichting, maar over wat er zich in die kerk afspeelt en welke vernieuwingen daarin plaatsvinden, schreef het Evangelisch Werkverband een artikel.
  5. De discussie over de theologische visies achter een bepaalde inrichting van een kerkzaal wordt al veel langer gevoerd. Tussen de Eerst en de Tweede Wereldoorlog kruisten prof. Gerardus van der Leeuw en ds. Oepke Noordmans de degens. Collega ds. Klaas-Willem de Jong beschreef het toenmalige debat.

Reageer gerust als je op internet een andere relevante link vond.

  • Reageren uitgeschakeld

Vanmorgen las collega ds. Peter Verhoeff tijdens de kerkdienst in de Immanuëlkerk een gedicht dat past bij deze tijd van het jaar. Niet alleen de woorden, maar ook het ritme en de klanken hebben iets van de mistigheid en grijsheid van november in zich. Het gaat om het volgende gedicht van de bekende Nederlandse dichter J.C. Bloem. Het is te vinden in zijn dichtbundel Het verlangen uit 1921 en het is ook opgenomen in zijn Verzamelde gedichten uit 1965.

NOVEMBER

Het regent en het is november
Weer keert het najaar en belaagt
Het hart, dat droef, maar steeds gewender,
Zijn heimelijke pijnen draagt.

En in de kamer, waar gelaten
Het daaglijks leven wordt verricht,
schijnt uit de troosteloze straten
Een ongekleurd namiddaglicht.

De jaren gaan zoals zij gingen,
Er is allengs geen onderscheid
Meer tussen dove herinneringen
En wat geleefd wordt en verbeid.

Verloren zijn de prille wegen
Om te ontkomen aan de tijd;
Altijd november, altijd regen,
Altijd dit lege hart, altijd.

Dit is een derde blog in een serie ‘bespiegelingen’ naar aanleiding van wat er in de Doornse Catechismus (p. 97-98) staat over de kerk.

“De kerk is argeloos als een duif en arglistig als een slag.”

Deze uitspraak over de kerk gaat terug op een uitspraak van Jezus tegen zijn leerlingen:

Bedenk wel, ik zend jullie als schapen onder de wolven. Wees dus scherpzinnig als een slang, maar behoud de onschuld van een duif. (Matteüs 10 vers 16)

‘Ik zend jullie als schapen onder de wolven.’ zegt Jezus. Zijn leerlingen komen dus in een omgeving waar ze kwetsbaar zijn. waar anderen hen willen treffen. Dan is naïviteit dodelijk, je moet je zintuigen goed gebruiken om te overleven en je weten schuil te houden. Zoals een slang dat doet. ‘Maar behoudt de onschuld van een duif.’ Een slang kan ook dodelijk zijn. Dat geldt kennelijk niet voor leerlingen van Jezus. Zij zijn en blijven vredesduiven, geweldloos en kwetsbaar. Die prijs betalen zij.

Zeker de eerste christenen wisten meteen waar Matteüs op doelde toen hij deze uitspraak van Jezus doorgaf. Geloven was in het Romeinse Rijk soms levensgevaarlijk. Denk maar aan de christenvervolging door keizer Nero. Het was zaak je gedeist te houden en goed op te letten. En als je dan toch gepakt werd, kon je alleen maar doen zoals Jezus deed, die geen geweld gebruikte toen hij werd opgepakt en gekruisigd. Sinds Constantijn de Grote in de 4e eeuw het Romeinse Rijk kerstende, is er in Europa geen sprake meer geweest van grootschalige christenvervolgingen. Kunnen wij nog wel iets met zo’n tekst dan?

Ik lees de tekst op de volgende manier. De kerk is arglistig in die zin dat ze probeert eerlijk te zijn, over zichzelf, over anderen. Zij gelooft niet in goede bedoelingen op zich, maar zij kijkt naar wat er werkelijk gebeurt. Ze probeert te doorzien waar ontwikkelingen toe leiden en wat woorden aanrichten. Tegelijkertijd is ze als een duif. Ze heeft het over vrede, ze gebruikt geen geweld. De kerk is alleen naïef wanneer het haarzelf kan treffen. Wanneer er anderen op het spel staan, kan ze niet naïef zijn.

Een voorbeeld. Wanneer mensen mij of mijn gemeente vragen om hulp, materieel of immaterieel, gaan we daar ruimhartig op in, zonder daar iets voor terug te vragen. Als echter de overheid de kerken vraagt om in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) mee te helpen bepaalde groepen mensen te steunen, ben ik minder enthousiast. Je kunt als kerk heel blij zijn dat de overheid bij je aanklopt, maar ik vraag me dan “arglistig als een slang” af of je als kerk niet wordt ingeschakeld in een ordinaire bezuinigingsoperatie.

 

Gewelfschilderingen

In: Alkmaar|Kerk

13 nov 2011

Al eerder schreef ik iets over de gewelfschilderingen in de Grote Laurenskerk hier in Alkmaar. Het belangrijkste onderdeel van die schilderingen is een verbeelding van het laatste oordeel. Ook de lezing die vandaag op het leesrooster stond, Matteüs 25 vers 31 tot en met 46, gaat daarover. Daarom kwam ik in de preek weer terug op de schilderingen.

Over Jan Willem Stam

Jan Willem Stam is theoloog en als predikant werkzaam in de Protestantse Gemeente Alkmaar. Daarnaast is hij bestuurslid van de stichting Vrienden van Sabeel Nederland. Op dit weblog vindt u berichten die te maken hebben met zijn werkzaamheden.

  • Ank Bais: Jan Willem, ik zocht op internet naar de woorden uit de Doornse catechismus. Kom ik op je weblog te [...]
  • Marieke van den Houten: Het lukt me soms niet om de juiste woorden te vinden voor allerlei gevoelens die in me opkomen als i [...]
  • Maria Silvis-Zoeteman: Met aandacht het bovenstaande gelezen. Wat blijft het toch moeilijk, het Israelisch Palestijns confl [...]
  • arie: he jan-willem, leuk om iets over je verbondenheid met kontekstueel te lezen op je website. hoop [...]
  • Lennart: Huh Alkmaar ..? O wacht, nu zie ik het. Sterkte met het beroep! [...]

Volg mij op Twitter