Afgelopen dinsdag presenteerde ik als voorzitter van de stichting Vrienden van Sabeel Nederland het boek Roep om verzoening, Een Palestijnse christen over vrede en recht van Naim Ateek.

Klik hier voor meer informatie over de boekpresentatie en het boek.

Lees hier de tekst van mijn toespraak.

Henri Veldhuis maakte mooie foto’s van de presentatie. O.a. een van mij met Naim Ateek en Peter Verhoeff, preses van de synode van de Protestantse Kerk en collega in Alkmaar.

Op dinsdagmiddag 24 april wordt in de Bergkerk te Amersfoort het boek Roep om verzoening, een Palestijnse christen over vrede en recht gepresenteerd.

Dit boek is een vertaling van het recente boek van de Palestijnse theoloog Naim Ateek A Palestinian Christian Cry for Reconciliation.

Naim Ateek zal zelf aanwezig zijn en spreken.

Het programma van de middag is als volgt:

15:30-16:00        Inloop en ontmoeting met koffie en thee

16:00-16:30        Presentatie en aanbieding van het boek aan o.a. ds. Peter Verhoeff en een vertegenwoordiger van de Rooms-katholieke bisschoppen

16:30-18:00        Paneldiscussie o.lv. Janneke Stegeman over het boek, deelnemers aan het panel zijn o.a. prof. Peter-Ben Smit en prof. Paul de Waart

18:00-20:00        Ontmoeting met borrel en buffet

Via info@boekencentrum.nl kun je je aanmelden.

Over Roep om verzoening en Naim Ateek

In de discussie binnen de Nederlandse kerken over het Israëlisch-Palestijnse conflict valt geregeld de naam van de Palestijnse theoloog Naim Ateek. In dit boek maakt de lezer zelf kennis met zijn gedachtegoed.

Roep om verzoening biedt een persoonlijke en gelovige visie op de moeilijke situatie van Palestijnse christenen en hun geweldloze verzet tegen de Israëlische bezetting van de Palestijnse gebieden. Ook tekent Ateek protest aan tegen de sympathie van het christelijke Westen voor het zionisme. Ateek benadrukt in dit boek dat gerechtigheid en recht onmisbaar zijn voor vrede en verzoening. Het boek is zeer geschikt voor bespreking in gespreksgroepen.

Naim Stifan Ateek is Palestijn, anglicaans priester en Arabisch burger van Israël. Hij is directeur en medeoprichter van Sabeel, een oecumenisch centrum voor Palestijnse bevrijdingstheologie in Jeruzalem. Eerder schreef hij Recht en gerechtigheid. Een Palestijnse bevrijdingstheologie.

Dit is een achtste blog in een serie ‘bespiegelingen’ naar aanleiding van wat er in de Doornse Catechismus(p. 97-98) staat over de kerk.

“De kerk past in een kathedraal even goed als in een huiskamer.”

Deze uitspraak over de kerk spreekt tot de verbeelding. De uitspraak voert je naar inmense kathedralen – waar je je klein voelt, opgenomen en gedragen door het grote onvatbare wat je omringt – en naar de intimiteit en eigenheid van een huiskamer.

De uitspraak roept ook de vraag op wat kerk nu precies is? Wat is het dat past in kathedralen net zo goed als in huiskamers? De liturgie. Ja, dat zeker, maar kerk is meer dan de liturgie. De kerk is ook saamhorigheid en betrokkenheid op elkaar. Gemeenschap der heiligen, om het klassiek te zeggen. En dat kun ook in heel kleine kring beleven. Jezus heeft het zelfs over twee of drie. Waar die verbondenheid wordt ervaren, daar is de kerk. En dat kan inderdaad bij massale bijeenkomsten én in het gesprek tussen twee mensen.

Ik moest denken aan die prachtige openingszin van de toespraak van Amadeu de Prado in Nachttrein naar Lissabon: “Ik wil niet in een wereld zonder kathedralen leven. Ik heb hun schoonheid en verhevenheid nodig.”

PS. Collega Bert Altena vatte de Doornse Catechismus samen in oneliners. Over de kerk staat er dan:

31 – Wat is de kerk? Een noodvoorziening.

32 – Waarvoor dient de kerk? Om opgeheven te worden.

33 – Kun je geloven buiten de kerk? Vaak beter.

34 – Waarom zou ik naar de kerk gaan? Omdat ik het niet kan laten.

35 – Waarvoor dienen kerkdiensten? Om op een zinvolle manier de tijd te verdrijven.

E-mailen…

In: Kerk|Persoonlijk

1 mrt 2012

Ik merk dat als er in de kerkelijke organisatie iets mis gaat e-mail vrijwel altijd een negatieve rol speelt. Toen ik van een collega hoorde over regels voor het kerkelijke e-mailverkeer was ik daarom direct geïnteresseerd. Bij dezen dus vijf basisregels voor het gebruik van e-mail. En naar ik veronderstel zullen ze ook wel buiten de kerk bruikbaar zijn.

1. Gebruik e-mail alleen voor zakelijke, inhoudelijke communicatie. Gevoelens in een e-mail kunnen verkeerd overkomen. Verstuur sowieso geen emotionele e-mails.

2. Gebruik naast e-mail altijd andere vormen van persoonlijk contact. Een telefoontje of een gesprekje in de wandelgangen kan meer betekenen dan 100 e-mails.

3. Stuur nooit zomaar e-mails door en vraag je altijd af of jouw e-mail al dan niet doorgestuurd mag worden. E-mails worden vaak doorgestuurd. Vooral als er vragen in staan die andere beter kunnen beantwoorden. Als de gestuurde e-mail tevens CC-tjes bevat is de e-mail niet persoonlijk gericht en mag worden doorgestuurd. Als je vindt dat een e-mail persoonlijk is en niet verder mag worden verspreid, dien je dit in de e-mail te vermelden.

4. Voorkom dat anderen vertrouwelijke e-mail kunnen lezen. Ambtsdragers dienen alert te zijn om te voorkomen dat anderen, bijvoorbeeld huisgenoten, vertrouwelijke kerkelijke e-mails kunnen lezen.

5. Herinner elkaar aan deze regels. Een code heeft geen zin. Na verloop van tijd werken velen niet meer volgens de opgestelde code. Elkaar scherp houden is het beste.

Dit is een zevende blog in een serie ‘bespiegelingen’ naar aanleiding van wat er in de Doornse Catechismus (p. 97-98) staat over de kerk.

“De kerk is niets menselijks vreemd.”

Niets menselijks is mij vreemd. Wij gebruiken die uitspraak om ons te veronschuldigen. Als je dan zegt dat de kerk niets menselijks vreemd is, klinkt dat als een veronschuldiging van de kerk. De kerk is een verzameling mensen en dus gaat het er menselijk aan toe, met de negatieve kanten daarvan. Dat is op zich heel waar. De kerk bestaat uit mensen, die zich menselijk gedragen, met de onachtzaamheden en eigenzinnigheden die daar bij horen.

De oorsprong van deze verontschuldiging ligt in het Latijn. De toneelschrijver Terentius gebruikte in zijn toneelstuk Heauton Timorumenos (de Zelfkweller) de uitspraak “Homo sum, humani nihil a me alienum puto”, in goed Nederlands: Ik ben een mens, niets menselijks is mij vreemd. Niets menselijks is mij vreemd, wil hier zeggen, niets wat hoort tot de wereld van de mens staat voor mij op afstand. De oorspronkelijke bedoeling was dus: ik ben een mens en mag me dus bemoeien met alles wat bij mensen hoort. In het toneelstuk is de zin dan ook een reactie op een opmerking dat iemand zich met zijn eigen zaken moet bemoeien.

Terug naar de kerk. De kerk is niets menselijks vreemd. Als je teruggaat naar de oorspronkelijke betekenis van de uitspraak betekent dat dat de kerk betrokken kan zijn bij alles wat hoort tot de leefwereld van mensen. De kerk is niet menselijks vreemd, niets wat menselijk is, is voor haar irrelevant, oftewel alles is relevant en interessant.

Voor sommigen is dat onaanvaardbaar. Zij irriteren zich aan zo’n bemoeizuchtige kerk. Wie daar negatieve ervaringen mee heeft, begrijpt dat. Toch is het voor mij een positief gegeven dat de kerk alles wat tot de menselijke leefwereld behoort relevant vind. In de kerk komen mensen, met alles wat bij hen hoort. Hun hele leefwereld nemen ze mee en brengen ze in verband met het christelijk geloof.

De kerk is niets menselijks vreemd. Dat klopt dus, zowel in veronschuldigende zin als in positieve zin.

Op Hydepark volgde ik in het kader van de verplichte nascholing een training ‘Werken met kunst’. Uit het materiaal dat we daar kregen geef ik vijf websites over kunst en religie door. Om te lezen én om naar te kijken!

  1. www.bijbelencultuur.nl, een handige site waar je kunt kijken of er bij een bepaalde Bijbelpassage een kunstwerk is te vinden.
  2. www.artway.eu, een mooie site van een actieve club kunstenaars en kunstliefhebbers. Je kunt je opgeven voor hun ‘beeldmeditaties’, je krijgt dan geregeld een e-mail met een afbeelding van een kunstvoorwerp en een tekst die je helpt daarnaar te kijken.
  3. www.bildimpuls.de, een Duitstalige website met veel moderne kunst. Ook zijn bieden een wekelijks e-mailbericht met een ‘Bild Impuls’.
  4. www.wga.hu, de Web Gallery of Art is eigenlijk een digitaal museum met schilderijen en beeldhouwwerken van de 11e tot halverwege de 19e eeuw.
  5. www.naardensebijbel.nl, onder de knop ‘Columns’ vindt u wekelijks een column van theologe Anne Marijke Spijkerboer over een passage uit de Naardense Bijbel en een kunstwerk.

Dit is een zesde blog in een serie ‘bespiegelingen’ naar aanleiding van wat er in de Doornse Catechismus (p. 97-98) staat over de kerk.

“In de kerk blijf je lachen.”

Ook bij deze uitspraak over de kerk kun je de nodige vragen stellen. Er zijn heel wat mensen die niet in de kerk blijven. Omdat ze er niet meer om konden lachen. Omdat het ze verveelde. Of omdat er dingen zijn gebeurd die de lach op de lippen deed besterven. Denk maar aan slachtoffers van (seksueel) misbruik. Of aan allerlei andere vormen van religieuze manipulatie.

En dan kun je je nog afvragen of ‘kerk’ en ‘lachen’ wel in één zin thuis horen. In de kerk gaat het vaak over serieuze zaken. Over troost. Over heil. Over vergeving. Over geloof, hoop en liefde. Als ik zo nu en dan als kerkganger in de kerk zit, valt het me op hoe snel het in de kerkdienst over de schaduwzijde van het leven gaat. Toch doe ik daar als voorganger net zo goed aan mee. Maar ik weet wie ik voor me heb. Als ik de kerk rondkijk dan weet ik bij zo veel mensen een verhaal over ziekte of rouw of verdriet.

Toch staat er in de Doornse Catechismus geschreven dat je in de kerk blijft lachen. En ik denk dat het waar is. Je blijft als kerk in de eerste plaats lachen om jezelf. Humor is een krachtig instrument om je eigen onzekerheden en eigenaardigheden onder ogen te zien. En van die onzekerheden en eigenaardigheden hebben we er wel een paar als kerk en als kerkmensen. We hebben zo onze maniertjes en we weten het lang niet zo zeker als we soms doen voorkomen. Humor kan dan bevrijdend werken.

Ten tweede zou je de kerk zelf kunnen zien als Gods humor. Dat de kerk er is, daar kun je om lachen. Niet spottend, maar ontspannen en dankbaar. God wil met gewone mensen te maken hebben. Hij kent hun passie, waar ze voor gaan. Hij weet wat ze moeilijk vinden en waar ze niet overheen komen. Daar kun je blij van worden.

Ten derde is humor een krachtig wapen tegen fundamentalisme. Andersom zou je kunnen dat humor een teken is van gezond en volwassen geloof. Geloof dat weet dat het niets weet. Geloof dat alles omvat en niemand uitsluit. Geloof dat niets overschreeuwt en alles ter sprake laat komen. Geloof dat niet bang is voor het eigen ongeloof of dat van een ander. Zolang we in de kerk blijven lachen, kun je gerust in de kerk blijven!

  • Reageren uitgeschakeld

Het was een bijzondere kerst. Eerst mocht ik voorgaan in de kerstnachtdienst in de Grote Kerk van Alkmaar. De volgende morgen ging ik voor in “mijn eigen” Immanuëlkerk in een kerstdienst waarin ook een kind gedoopt werd.

Op de prekenpagina vindt u de tekst van de preken die ik hield.

Dit is een vijfde blog in een serie ‘bespiegelingen’ naar aanleiding van wat er in de Doornse Catechismus (p. 97-98) staat over de kerk

“De kerk hoeft niet te scoren.”

De kerk hoeft niet te scoren. Ja, maar… De kerken in Nederland, en ook mijn Protestantse Kerk, staan onder grote druk om juist wél te scoren. Het gaat immers niet goed met de kerk. Getalsmatig niet, en er is alle reden om aan te nemen dat die getalsmatige crisis ook een geloofsmatige crisis is.

Sommigen vinden dat de missionaire koers die de Protestantse Kerk vaart een vorm van scoren is. Zij zien missionair werk vooral als ‘leuke dingen doen waarmee je voor de dag kan komen’ en missen daarin de analyse van de nood van de kerk.

Wat mij betreft is er niets tegen het doen van leuke dingen en is het krijgen van (media-)aandacht te lang onderschat in de kerken. Wel zou ik dit juist willen koppelen aan een analyse van de situatie waarin de kerk is terecht gekomen. Mijn Protestantse Kerk deelt in de geloofscrisis die over heel Europa trekt. Om met de filosoof Charles Taylor te spreken: geloof is vandaag de dag niet meer dan een keuzemogelijkheid. Geloof is niet meer iets wat van de andere kant komt en je toewijding vraagt, maar iets waarvoor je mogelijk kiest terwijl je vele andere opties hebt. “Het christelijk geloof? Dat is jouw mening”, om het simpel te zeggen.

Als geloof niet meer dan mijn mening is, is de kerk niet meer dan een vereniging waar je een tijdje lid van bent. Ik hoor deze manier van denken om me heen, kom haar in mijn dagelijks werk tegen en ervaar haar in mijn eigen hart. Dat de kerk niet hoeft te scoren, betekent voor mij in dit verband dat we dicht bij onszelf blijven. Dus het ongeloof in ons eigen hart en in onze eigen kring proeven en blijven hopen dat God zal spreken. In de tussentijd zijn we kerk, doen we soms gewone dingen, soms heel leuke dingen, soms dingen waarvan we zelf niet wisten dat het kon.

Vandaag was ik op de Palestijnse filmdag van Vrienden van Sabeel Nederland en Palestine Link, vandaar vijf linkjes naar films over het Israëlisch-Palestijnse conflict.

  1. Allereerst de film van vandaag, Budrus. Over het succesvolle geweldloze verzet in het dorp Budrus tegen “de veiligheidsbarrière” die dwars door een Palestijns door zou worden gebouwd. Met een linkje naar een presentatie van de filmmaakster, Julia Bacha, over het idee achter de documentaire.
  2. Een parabel over het Israëlisch-Palestijnse conflict wordt verteld in de speelfilm Lemon Tree.
  3. Indrukwekkend is de animatiefilm (voor volwassenen!) Waltz with Bashir over de oorlog tussen Israël en Libanon in 1982.
  4. In het debat over het conflict spelen zelfmoordaanslagen een grote rol. Niet alleen vanwege de Palestijnse bomaanslagen aan het begin van deze eeuw, maar ook omdat ‘willen sterven voor je land’ elke Israëlische soldaat wordt ingeprent. Daarover gaat de filmAvenge but one of my two eyes.
  5. Weer heel anders is de documentaire The Iron Wall waarin de impact van de bouw van de veiligheidsbarrière op de Palestijnse samenleving wordt getoond.

Al deze films kunnen dienen als inleiding op een gesprek over de situatie in Israël en de Palestijnse gebieden. Ik zou dat zelfs sterk aanraden en ik heb de indruk dat al deze films ook gemaakt zijn om dit gesprek op gang te brengen.

Al deze films (met Nederlandse ondertitels!) zijn te huren bij de Vrienden van Sabeel Nederland. Neemt u contact op met penningmeester Bert Middel.

 

Over Jan Willem Stam

Jan Willem Stam is theoloog en als predikant werkzaam in de Protestantse Gemeente Alkmaar. Daarnaast is hij bestuurslid van de stichting Vrienden van Sabeel Nederland. Op dit weblog vindt u berichten die te maken hebben met zijn werkzaamheden.

  • Ank Bais: Jan Willem, ik zocht op internet naar de woorden uit de Doornse catechismus. Kom ik op je weblog te [...]
  • Marieke van den Houten: Het lukt me soms niet om de juiste woorden te vinden voor allerlei gevoelens die in me opkomen als i [...]
  • Maria Silvis-Zoeteman: Met aandacht het bovenstaande gelezen. Wat blijft het toch moeilijk, het Israelisch Palestijns confl [...]
  • arie: he jan-willem, leuk om iets over je verbondenheid met kontekstueel te lezen op je website. hoop [...]
  • Lennart: Huh Alkmaar ..? O wacht, nu zie ik het. Sterkte met het beroep! [...]

Volg mij op Twitter