Nov 25

Afbeelding bij persberichtVorige week mocht ik deelnemen aan een conferentie van de PKN met de welluidende titel ’vervolgstappen IP-nota’. Ik hoor kennelijk inmiddels bij het kringetje liefhebbers dat zich met Israël en de Palestijnen bezig houdt. IP staat voor Israëlisch-Palestijns conflict. De IP-nota is een document van bijna 60 pagina’s dat vorig jaar werd vastgesteld door de synode van de PKN. In de nota probeert men een weg te vinden die recht doet aan de onopgeefbare verbondenheid van de kerk met het volk Israël en de schrijnende situatie in Israël en de Palestijnse gebieden.

De PKN kiest er voor om de verbondenheid met het volk Israël ook te laten betekenen een verbondenheid met het land Israël en vervolgens ook een verbondenheid met de staat Israël. Allereerst dus het volk, dan pas het land en dan pas de staat, zeker, maar toch ook de staat. Daarnaast kiest de PKN er voor om in haar spreken over het Israëlisch-Palestijns conflict zich te oriënteren op het internationaal recht.

In de praktijk blijkt dat lastig. Vanuit het internationaal recht kun je niet anders dan kritisch zijn op het beleid van de staat Israël. De veiligheidsbarrière is volgens het Internationale Gerechtshof in Den Haag illegaal. Binnen de PKN ligt dit echter heel gevoelig, omdat als de kerkleiding in ronde woorden Israël zou veroordelen, er een hele groep mensen bijzonder verontwaardigd zouden zijn. Zij relativeren de betekenis van het internationaal recht. Aan de andere kant zijn er in de kerk een heleboel mensen die niet zo goed uit de voeten kunnen met die onopgeefbare verbondenheid, want ja, waar ben je eigenlijk mee verbonden, en waarom? Deze mensen kunnen niet begrijpen dat de kerk zoveel leed, dat werd en wordt berokkend door de staat Israël, vergoeilijkt. Deze twee posities en alles er tussenin waren vertegenwoordigd op de conferentie.

Het persbericht dat door de PKN werd verspreid, doet niet helemaal recht aan de conferentie. Het persbericht geeft een hoofdlijn van de conferentie weer. Een andere hoofdlijn is volgens mij de teleurstelling bij een heel aantal deelnemers om concreet te worden. Wat is een besef van urgentie waard, als het nergens toe leidt? Dat staat niet in het persbericht en dat vind ik een gemis.

Een andere deelnemer aan de conferentie, ds. Johan van den Berg, heeft iets vergelijkbaars geschreven op zijn weblog.

Reacties zijn gesloten.